Vier in Balans en TPACK (2)


De voorgaande blogbijdrage bericht over onderwijsinstelling X (beroepsopleiding HBO) en ICT geanalyseerd volgens het Vier in Balans model. Die analyse was een meer algemene en beleidsmatige. Samenvattend kan gesteld worden dat er wel een visie is, maar dat deze niet op alle vier dimensies van de tool adequaat geconcretiseerd en geĆ«xpliciteerd wordt. 
Wel enigszins onder Deskundigheid – professionalisering van docenten, wel in zeer beperkte mate onder Digitaal leermateriaal, niet in een uitwerking onder het punt Visie en in het geheel niet in een uitwerking onder het punt infrastructuur. Voor een aantal dimensies geldt wellicht dat een opleiding daar niet zelf de zeggenschap in heeft, echter dan had men op z’n minst kunnen aangeven wat wenselijk zou zijn op het gebied van infrastructuur, software enz. Het voornemen van de opleiding is ICT een prominente en heldere plaats te geven, hoe dit dan concreet vertaald naar de alledaagse onderwijspraktijk vorm en inhoud krijgt is niet duidelijk. Daarmee is het in feite een beleidsplan zoals zo velen, papier is geduldig.

Dan naar de concrete lespraktijk van het onderwijs binnen de instelling. Achtereenvolgens enkele  indicatoren waaruit de discrepantie blijkt tussen beleid en uitvoering van. Allereerst een nieuwe trend binnen de opleiding: Blended Learning. Hierop wordt zwaar ingezet om het zomaar ’s te zeggen. Echter voordat er een beleidsplan op basis van een onderwijskundige visie is, is men al op allerlei manieren in de uitvoer bezig. Van een integrale aanpak is geen sprake, wel van een ad hoc praktijk. Docenten en studenten gevraagd naar de Visie op onderwijs (en ICT) hebben een aantal bevraagden wel enig notie van het onderwijskundig model (competentiegericht), niet helder is wat de relatie is met ICT en wat ICT beleid is. Hoe de Kennisbasis ICT wordt vertaald naar de lessen is niet duidelijk en niet merkbaar. Er zijn vrijwel geen cursussen die specifiek ICT als thema hebben. Wat betreft de deskundigheid van student en docent betreft is men bij wijze van spreken in staat de meest voorkomende ICT handelingen te verrichten. Er is geen sprake van een optimale integratie van ICT in de lespraktijk, zowel niet op het niveau van de student als de docent. De gemiddelde docent is bijvoorbeeld niet in staat een attractieve cursussite in Sharepoint te ontwerpen of de Smartboards optimaal te gebruiken. Verder is ICT is geen regulier onderdeel van de RGW gesprekken. Studenten hebben vooral moeite met Sharepoint en het digitale studievolg- en begeleidingssysteem Osiris. Ten aanzien van digitaal leermateriaal is voor zowel studenten als docenten niet helder wat de mogelijkheden zijn, beide groepen komen maar zeer weinig in aanraking met educatieve software, uitgezonderd het intranet in de vorm van Sharepoint dat als ELO een digitaal leermiddel genoemd kan worden. De vertaalslag van digitaal lesmateriaal van HBO naar VO – de uiteindelijke gebruikers of doelgroep, wordt zelden of niet gemaakt. Ten aanzien van de ICT-infrastructuur is sprake van beleid dat de afzonderlijke opleidingen overstijgt. Een aandacht- of speerpunt is het niet, dit blijkt niet uit de beleidsvoornemens en niet uit praktische vragen en wensen vanuit management en medewerkers. Conclusie: van een integratie onderwijs en ICT is vrijwel geen sprake.

Het Vier in Balans model als uitgangspunt nemend zou een advies dan ook zijn op alle vier genoemde dimensies beleidsvoornemens te (her)formuleren, deze voornemens om te zetten in een plan van aanpak inclusief evaluatie op basis van concrete indicatoren. Uitgangspunt daarin moet zijn wat uiteindelijk voor de HBO beroepsbeoefenaar in de praktijk relevante kennis, inzicht en vaardigheden op ICT gebied zijn, optimaal wordt geĆÆntegreerd en uitgevoerd in het model van onderwijs. Docenten kunnen daarin zelf een actieve rol spelen. Dit op basis van bijvoorbeeld een model als TPACK. Via dit model is het mogelijk de kennisbasis die docenten nodig hebben om ICT op een zinvolle manier te integreren in hun onderwijspraktijk te beschrijven. Aan de hand van het model kunnen docenten nadenken en bewust worden van de eigen kennis van technologie, vakinhoud en didactiek en hun onderlinge relaties. 
Het TPACK model gaat er tevens van uit dat de docent een expliciete rol speelt in de begeleiding van het leerproces, dat sluit aan bij het competentiegerichte opleiden. Tot slot is er de dynamische kennisbasis van het TPACK model. Technologie verandert snel,  docenten kunnen zelf en flexibel vaststellen welke ICT toepassingen een bijdrage kunnen leveren aan hun onderwijsleerprocessen.

Wim Borghuis

Geen opmerkingen: